Home » De club » Ons kent Ons » Dubbelinterview: Twee oude krijgers bezig met hun laatste seizoen in het eerste, Joost van Schie en Marcel de Bruijn

Dubbelinterview: Twee oude krijgers bezig met hun laatste seizoen in het eerste, Joost van Schie en Marcel de Bruijn

📁 Ons kent Ons 📅 donderdag 25 februari 2016
Dubbelinterview: Twee oude krijgers bezig met hun laatste seizoen in het eerste,  Joost van Schie en Marcel de Bruijn                   Dubbelinterview: Twee oude krijgers bezig met hun laatste seizoen in het eerste,  Joost van Schie en Marcel de Bruijn                   Dubbelinterview: Twee oude krijgers bezig met hun laatste seizoen in het eerste,  Joost van Schie en Marcel de Bruijn                   Dubbelinterview: Twee oude krijgers bezig met hun laatste seizoen in het eerste,  Joost van Schie en Marcel de Bruijn                   Dubbelinterview: Twee oude krijgers bezig met hun laatste seizoen in het eerste,  Joost van Schie en Marcel de Bruijn

In dit dubbelinterview praat ik met twee generatiegenoten. We hebben afgesproken op een dinsdagavond, waarop zowel de zaterdag- als de zondagselectie trainen. Het vriest die avond, -4° op de smartphone van Theo Verbeek. Maar wij zitten hoog en droog in de bestuurskamer. Joost heeft voor een biertje gezorgd om de stembanden te smeren.

 

  

Joost van Schie                                                            Marcel de Bruijn

~ 35 jaar                                                                        ~ 33 jaar

~ 1 meter 94 lang                                                         ~ 1 meter 98 lang

~ geboren in Naaldwijk                                                ~ geboren in Dammam, Saoedi-Arabië.

                                                                                            “Mijn vader werkte bij Nedlloyd.”

~ Werkzaam als accountmanager                              ~ Werkzaam bij een aannemer in de

   bij een exportbedrijf in groente                                   bouw momenteel bezig met het

   en fruit gevestigd in Waddinxveen                              bouwen van een huis.(vanaf nul).

   en gericht op Scandinavië.      

~ Getrouwd met Anne  Marije  en                             ~ Een gelukkige vrijgezel en vader van zoontje van 5 jaar.

   vader van een zoon en dochter

 

Ze constateren met z’n tweeën dat er eigenlijk helemaal niet zoveel vaders in de beide selecties zitten.

Vanaf welke leeftijd ben je gaan voetballen?

Joost:

‘Toen ik mijn zwemdiploma gehaald had. Daarna mocht ik op de voetbal. Dat was op mijn 6-de jaar. Ik begon gelijk hier op Westlandia en heb daarna nooit de behoefte gehad om weg te gaan. De club speelde altijd hoog en zij konden mijn ambities waarmaken.’

Marcel:

‘Ik ben gaan voetballen op mijn 17-de. Ik heb allerlei sporten gedaan. Heel intensief gegolft, recreatief gehockeyd en getennist. Als kind was ik heel sportief en ik vond alles leuk. Maar voetbal trok, daar lag mijn hart. Ik golfte hoog, haalde de Nederlandse selectie. Die ballen gingen allemaal voor de wind.’

‘Op een gegeven moment volgde ik mijn hart en ben gaan voetballen.’

Wie zijn belangrijk geweest in je ontwikkeling als voetballer?

Marcel:

‘ Ik heb de jeugd overgeslagen. Bij VDL Maassluis kwam ik meteen in de B. Daar had ik al snel te maken met René Verhagen. Die zag het heel erg in mij zitten. Ik maakte vervolgens al snel de stap naar de A en de overgang naar het eerste kwam ook heel snel. René Verhagen zag, dat ik lichamelijk gezien een groot sporttalent was. Voetbaltechnisch kwam ik natuurlijk tekort.’

Jan Everse is ook heel belangrijk. Met hem kreeg Marcel te maken bij Excelsior Maassluis. ’Hij geloofde heel erg in mij. Hij heeft me naar PEC Zwolle gehaald (2007/2008). Achteraf was die stap wel te snel. In dat jaar moest ik zoveel bij leren en het tempo was zo hoog. Ik kwam gewoon te kort. Ik had misschien in het tweede moeten beginnen. Maar ja je wilde natuurlijk wel in de eerste divisie spelen.

Joost:

‘Bij de E-tjes trainde Jan Noordermeer ons. Hij slaagde erin om een behoorlijk grote groep jongetjes voetbalplezier bij te brengen en ondertussen trainde hij ook heel veel techniek.’

‘In de B en de A heb ik Bob van Bohemen als trainer gehad. Bij hem heb ik veel geleerd over positiespel en scherp zijn. Daar was hij onwijs goed in.

Joost heeft in 13 seizoenen zondag 1 talloze trainers gehad.

Richard Grootscholten was heel goed met jonge spelers. Bij hem trainden we intensief, lang en veel.

Kees Tempelaar mag ik niet vergeten. Bij hem leerde ik vrijlopen en het goede moment kiezen. Hij legde desnoods het spel stil, soms wel 10 keer en hij schold me verrot, elke keer. Je kon hem soms ook wel vervloeken. Maar uiteindelijk leerde je het wel: wanneer je moest komen, hoe je moest kantelen en hoe je als spits 2 man kon bezig houden. Ik heb echt veel van hem geleerd.

 

Jullie zijn echt lange mannen. Is die lengte een voordeel of een nadeel?

Joost:

‘Ik heb mijn lengte nooit als een nadeel ervaren. Ik had wel wat sneller willen zijn. Ik heb geen klachten over mijn lengte. Ik had wel wat beter moeten leren koppen in de jeugd, want het is niet automatisch zo dat je gelijk goed kan koppen, als je lang bent. Dat is nog een vak apart.’

‘Ik vind mijn lengte ideaal, zeker als spits’.

Marcel:

‘Mijnlengte is voor mij zeker een voordeel, mede omdat ik laat met voetballen ben begonnen. Door die lengte heb ik die stappen naar het eerste zo snel kunnen maken. Lange spitsen zijn gewoon gewild. Men wil een “target man”, een aanspeelpunt. Als ik kleiner was geweest, dan was ik minder opgevallen.”

( Joost: ‘ Zeker als je ook nog een beetje kan bewegen en als je een bal goed kan aannemen.’)

 

Marcel, jij hebt bij heel veel verenigingen gespeeld. Waarom wilde je dat?

Het rijtje van Marcel: VDL, Excelsior Maassluis(2 j.), PEC Zwolle(1 j.), Leonidas(1 j.), Excelsior Maassluis(1 j.), Scheveningen(2 j.) Westlandia(4 j.)

‘Het was nooit het willen zwerven van club naar club. Het heeft te maken met de juiste keuzes maken. Als ik ergens niet tevreden ben, dan wil ik nog weleens overstappen. Dat geldt ook na dit seizoen bij Westlandia. Zoals bekend ga ik weg. Niet omdat ik niet tevreden ben. Ik heb het super naar mijn zin. Maar de kaarten zijn op dit moment zo geschud, dat het volgend jaar eventueel heel vervelend zou kunnen uitpakken voor mij. Daarom kies ik eieren voor mijn geld.’

 

Joost, jij altijd bij Westlandia gespeeld. Heb je nooit de behoefte gevoeld ergens anders te spelen?

Het rijtje van Joost: Westlandia zondag(13 j.), Westlandia zaterdag(2 j.)

‘Nee, absoluut niet. In de hoofdklasse werd er wel een spits gehaald en dat knaagde wel eens, maar uiteindelijk speelde ik vaak wel.

We speelden met Westlandia het hoogst van de regio. Van de jongste jeugd tot in de senioren kon je niet hoger spelen. Ik ga graag op de fiets naar de training. Mijn broer speelde hier. Mijn ouders komen kijken. En voor het geld heb ik het nooit hoeven doen. Er zijn wel aanbiedingen geweest van Quick Boys en Scheveningen, ook wel met flinke bedragen. Maar het was niet nodig.’

 

Voetbalhoogtepunten?

Joost:

De kampioenswedstrijd tegen de amateurs van Feyenoord in Barendrecht. Ik stond als jong ventje van 20 jaar in de basis. Het kampioenschap in de eerste klasse en in het seizoen 2008/2009 het kampioenschap in de hoofdklasse.

Marcel:

Mijn eerste hoogtepunt was de snelheid waarmee ik van VDL via Excelsior Maassluis in het betaalde voetbal terechtkwam bij PEC Zwolle.

Ja, nu ben ik/zijn wij/als vereniging/als elftal met een hoogtepunt bezig. En ik heb er een leuk aandeel aan!

In het seizoen 2006/2007 hadden we met Excelsior Maassluis echt een dramatisch jaar. We speelden promotie/degradatie. Tegen Scheveningen. Op het veld van Naaldwijk. We kwamen met 3 – 1 achter, maar we wonnen uiteindelijk met 4 – 3. En ik speelde een heel goede wedstrijd.

Een paar jaar later in het seizoen 2011/2012 speelde ik voor Scheveningen. We worden kampioen en de kampioenswedstrijd spelen we tegen Excelsior Maassluis. Ik maak er 2 en we winnen met 4 – 2.

Op het moment dat het belangrijk is, ben ik op mijn best. Dat zie je dit seizoen ook. Bij meerdere invalbeurten was ik beslissend.’

 

Belangrijke, bijzondere doelpunten?

Marcel:

‘De hakbal en het moment. We spelen tegen ADO’20, we hadden alles nog gewonnen en het staat 2 – 2. Ik kom erin als er nog 5 minuten te spelen zijn. Knaap beseft dat er gewonnen moet worden en wil er alles aan doen om de winnende goal te maken. Hij dribbelt mee naar voren. Ik kies de eerste paal. Knaap speelt me aan en achter mijn standbeen langs tik ik de bal in het doel. De euforie was groot. Ik ging rennen, toen iedereen op mij af kwam. Ik liet me vallen. 3 – 2.’

Joost:

‘In het seizoen 2006/2007 speelden we op 15 oktober in eerste klasse B uit tegen RKAVV. Bij winst zouden we de eerste periodetitel pakken. Uit een voorzet van Nees Pellikaan kopte ik de 0 -1 binnen, de winnende goal. We haalden met deze overwinning de eerste periode. Ik kopte zijn laatste voorzet in. Dat is voor mij een heel bijzonder doelpunt.’

 

Sterke punten?

Marcel over Joost:

‘Joost is zondermeer een ervaren speler. Hij is altijd goed aanspeelbaar, niet statisch maar in beweging. Ik ken hem jammer genoeg niet uit zijn beste tijd.’(Joost: ‘Klopt!’)

Joost over Marcel:

‘Op de eerste plaats zijn wedstrijdmentaliteit, die is uitzonderlijk. Er staat wat.  Een heel andere voetballer dan de andere 10 die in het veld staan.

Alles er voor over hebben om te winnen, dat heeft hij. ‘Bruno’ is geen technische spits. Je kunt hem aanspelen met een mannetje in zijn rug. Hij gebruikt zijn lichaam en dat lichaam krijg je heel moeilijk van de bal.’

 

Hoe ervaar je dit voetbalseizoen?

Marcel:

‘Vanaf minuut 1 als positief. Er was meteen duidelijkheid vanuit de trainer naar de groep toe.’

‘Na het vorige seizoen is de selectie nagenoeg intact gebleven, daardoor bleef de hiërarchie in de groep hetzelfde. Er was wel de behoefte aan een nieuwe aanpak en precies op het goede moment kwam precies de goede man op de juiste plaats. De puzzelstukjes vallen zo in elkaar dat we alles winnen op DHC na.’

‘Ik heb geen basisplaats, maar dat wist en dat accepteer ik. “Geef me 5 minuten en ik maak de winnende voor die trainer. Alles voor het kampioenschap.”

De eerste wedstrijd na de winterstop was ik één keer niet blij. Dat was de uitwedstrijd tegen De Meern. Ik had me er helemaal op gefocust. Er waren meerdere tekenen, die er op wezen dat ik ging spelen. Toen ik bij de wedstrijdbespreking hoorde, dat ik niet in de basis stond, was ik de rest van de dag niet vrolijk. Ik kwam er toch in en ik maak de winnende. Heerlijk. In de bus terug zei de trainer nog wel: “Marcel bedankt”.’

‘Ik vind het een geweldige trainer. Hij weet hoe ik ben en ik mag me gedragen zoals ik doe.’

Joost:

‘Ten opzichte van vorig jaar hebben we er een paar jongens bij gekregen, die ook echt een meerwaarde voor het elftal waren, Danny Bijl, Jasper van Dijk en Dennis Verbeek.’

‘We draaien zwaar boven verwachting. Ikzelf ook, ik draai goed, ik speel alles en ik scoor veel. Nooit verwacht bovenin te kunnen meedraaien.

We hebben een goede mix, veel ervaring en de oude mannen zijn nog fit genoeg om het team te dragen. We winnen onze wedstrijden vaak wel moeizaam. Dat is maar goed ook anders verslappen we.’

 

Durven jullie allebei te zeggen, dat je kampioen gaat worden?

Joost:

‘Ik niet.’( Marcel(met een grote grijns): Lafaard.)

‘Wij hebben niet de beste ploeg. Ik weet niet of wij kampioen moeten worden. Nu al. Want wij hebben van alle ploegen in onze klasse verreweg het laagste budget. Er zou zoveel moeten veranderen, als we een rol van betekenis willen spelen in de eerste klasse.

Natuurlijk laat ik het niet lopen. Het is mijn laatste jaar in de selectie en ik ga er wel voor om mijn voetballoopbaan met een promotie af te sluiten. We hebben al nacompetitie.’

Marcel:

‘Wij worden kampioen. (Met een uitbundige lach)

Ja, wij gaan het niet meer uit handen geven. Als je kijkt naar de voorgaande jaren in de hoofdklasse, dat liet elke ploeg punten liggen. Wij zijn dit seizoen de enige ploeg die geen punten laat liggen. Dan word je kampioen.

Wij hebben ook al zoveel gewonnen, we kunnen het niet meer uit handen geven.

We moeten gewoon verder gaan met het winnen van elke wedstrijd. We hebben een selectie van 16 gelijkwaardige spelers, waarbij iedereen nog steeds vrij fit is.’

Tot zover Joost en Marcel. Ik wil beide spelers bedanken voor vrolijk dubbelinterview. Op naar de kampioenschappen en de promoties.

JvdM

Deel dit artikel met je vrienden